Ik heb lang getwijfeld of ik dit wilde delen.
Niet omdat ik niets te zeggen had, maar omdat de pijn te groot was om in woorden te vangen. Toch voel ik dat het tijd is. Niet om medelijden te krijgen, maar om eerlijk te zijn. Want achter de glimlach die ik zo vaak laat zien, schuilt een jaar dat mijn hele wereld heeft veranderd.
Ik deel meestal de mooie kanten van mijn leven. De lachmomenten, de reizen, de kleine geluksmomenten met mijn gezin. Maar 2025 was anders. Dat jaar leerde ik dat zelfs de sterkste mensen soms breken. Niet zichtbaar, maar vanbinnen. Social media begon me te overprikkelen. Alles voelde te luid, te perfect, te snel. Terwijl mijn eigen leven steeds stiller werd, trok ik me terug. Niet omdat ik niet meer wilde leven, maar omdat ik het even niet meer kon dragen in het openbaar.
Mijn 2025 begon met nieuws dat mijn hart verbrijzelde.
Mijn kleine neefje – even oud als mijn eigen zoontje – kreeg een zeldzame vorm van leukemie. In één klap stond de wereld stil. Wat je normaal alleen op tv ziet, werd ineens mijn realiteit.
Ik zag hoe zijn haren begonnen uit te vallen. Hoe zijn kleine lichaampje zwakker werd van de chemo. Hoe hij aan slangen en infusen lag, terwijl hij nog maar een baby was. En het meest hartverscheurende moment: hij vierde zijn eerste verjaardag in een ziekenhuiskamer. Afgezonderd van iedereen. Geen feest, geen familie om hem heen. Alleen witte muren, piepende machines en een moeder die haar tranen moest inslikken om sterk te blijven.
Maandenlang voelde het alsof mijn ziel mijn lichaam had verlaten. Ik leefde op automatische piloot. Ik lachte, maar voelde niets. Ik sliep, maar kwam niet tot rust. Het proces van dichtbij meemaken brak mij op alle lagen: emotioneel, mentaal en zelfs fysiek. Toch bleef ik bidden. Dag en nacht. En dankzij God, de artsen en een wonder… is hij nu kankervrij. Dat zal ik nooit als vanzelfsprekend zien.
Maar de storm was nog niet voorbij.
Niet veel later werd een dierbare vriendin gediagnosticeerd met borstkanker. De angst die ik dacht te hebben overwonnen, kwam keihard terug. Het voelde alsof de dood steeds dichterbij kroop, alsof niemand veilig was.
Zo verloren wij ook een dierbare vriendin in 2025. Haar dood was zo een donkere periode geweest voor ons.
En toen kwam het nieuws dat mijzelf raakte.
Ik kreeg te horen dat ik een verdacht “balletje” had in mijn rechter eierstok. De weken van onderzoeken waren een hel. Elke uitslag voelde als een doodvonnis in de maak. Elke nacht lag ik wakker met dezelfde gedachte: wat als ik mijn zoontje moet achterlaten?
Uiteindelijk bleek het een goedaardige tumor. Maar die periode veranderde mij. De angst om te sterven, om mijn kind niet te zien opgroeien, zit diep in mijn hart gegrift.
In die maanden begon ik alles te plannen. Uitjes, reizen, simpele momenten met mijn gezin. Niet uit luxe, maar uit noodzaak. Omdat ik voelde hoe breekbaar alles is. Elk moment werd een herinnering die ik koste wat kost wilde vasthouden.
En toen kwam de grootste angst van allemaal.
Mijn vader.
Hartpatiënt. Drie zware hartoperaties achter de rug.
Eind 2025, begin 2026 kregen we te horen dat zijn longcapaciteit nog maar 25% is. Dat hij waarschijnlijk nog maar één tot vier jaar te leven heeft.
We hadden dit eerder gehoord in 2020. Toen gaf een hartoperatie ons extra tijd. Tijd die ik nu zie als een zegen. Maar deze keer is er geen uitstel meer.
Sindsdien zijn mijn nachten gevuld met tranen. Ik lig wakker, denk aan hem, hoor zijn stem in mijn hoofd. Ik ben bang voor de dag dat ik afscheid moet nemen. En ik besef hoe vaak ik te weinig bel. Hoe vaak ik vergeet te zeggen hoeveel ik van hem hou.
2025 heeft mij gebroken.
Dus als ik soms stil ben,
dan is dat geen afstand van mensen, maar een keuze voor het leven zelf.
Soms moet je even loslaten wat ruis geeft,
om weer te kunnen horen wat echt telt.
Niet alles hoeft gedeeld te worden.
Niet elke traan hoeft zichtbaar te zijn.
Ik heb geleerd dat sommige gevechten in stilte gevoerd worden.
Dat heling tijd nodig heeft.
En dat liefde geen podium nodig heeft om echt te zijn.
Ik kies er soms voor om offline te zijn,
zodat ik aanwezig kan zijn.
Bij mijn gezin.
Bij mijn vader.
Bij de momenten die ik later wil herinneren, niet posten.

